Rechtbank vindt doodslag zelfverdediging

Rechtbank vindt doodslag zelfverdediging

Mehmet Y. heeft van de rechtbank Amsterdam geen straf gekregen voor het doodschieten van zijn zwager Cemal Dayan in het trapportaal van een flat aan het Maurits Sabbehof in Amsterdam-Nieuw-West. Het was doodslag, maar die is niet strafbaar omdat er sprake was van noodweer.

Dreigend

De officier van justitie had 14 jaar cel geëist, met name omdat zij het bewezen vond dat het Y. was die het wapen had meegebracht naar de confrontatie. Er was al wekenlang sprake van een dreigende confrontatie. De zus van Y. was bang dat Cemal Dayan de kinderen mee zou nemen naar Turkije, ook al omdat hij om hun paspoorten had gevraagd. Dayan heeft zich dreigend en beledigend uitgelaten tegenover de zus van Y. en Cemal Dayan heeft met Y. een ernstige woordenwisseling gehad. Y. heeft volgens de rechtbank Dayan uitgescholden en beledigd en Dayan heeft op zijn beurt weer vergaande beledigingen geuit.

Confrontatie

Op de dag dat Dayan de kinderen terug zou brengen waren Y. en zijn zus voorbereid op een flinke ruzie. Er waren ook twee vrienden aanwezig die bij een eventuele confrontatie de zaak zouden sussen. De fatale dag hoorde Y. zijn zus beneden ruziën met Dayan. Toen hij haar hoorde gillen stormde hij naar beneden. Dayan en Y. kwamen elkaar tegen in het trappenhuis. Daar viel eerst één schot en toen nog drie schoten. Dayan was dodelijk verwond.

Plan

Y.’s advocaat Jan-Hein Kuijpers heeft betoogd dat bij zijn cliënt sprake was van noodweer. Er was ook niets dat er op wees dat hij een vuurwapen bij zich had. Hij had er wel één, maar dat bleek later bij hem thuis te liggen en was niet het gebruikte wapen.

De rechtbank gelooft in de eerste plaats niet dat Y. het vooropgezet plan had om Dayan te doden maar de rechtbank vindt doodslag door Y. wel wettig en overtuigend bewezen.

Noodweersituatie

De rechtbank benadrukt vervolgens dat zich in het dossier geen bewijs bevindt dat de verklaring van Y. weerspreekt, dat Cemal Dayan een vuurwapen bij zich had toen deze op verdachte kwam aanlopen. Uit het vonnis:

De rechtbank kan op grond van het dossier en het verhandelde ter zitting niet uitsluiten dat de lezing van verdachte dat niet hij, maar Cemal Dayan het vuurwapen heeft meegebracht juist is. Dit brengt met zich mee dat de rechtbank de verklaringen van verdachte hieromtrent niet ter zijde kan stellen. Bij de waardering van de feitelijke omstandigheden van dit geval gaat de rechtbank er daarom dan ook van uit dat Cemal Dayan met een wapen op verdachte is afgekomen. Hiervan uitgaande acht de rechtbank het aannemelijk dat verdachte zich op dat moment bevond in een noodweersituatie.

Gemoedsbeweging

Maar Y. ging na de eerste treffer nog door met schieten. Er volgden na een pauze nog drie schoten kort na elkaar. De rechtbank vindt het de vraag of die noodzakelijk waren om de aanval af te slaan. In ieder geval was het vierde schot niet meer noodzakelijk noodweer. Aan de andere kant was Y. volgens de rechtbank nog steeds hevig in paniek. Het vonnis:

De rechtbank is van oordeel dat verdachte hierdoor weliswaar de grenzen van de noodzakelijke verdediging heeft overschreden, maar dat deze overschrijding een onmiddellijk gevolg is geweest van een bij verdachte ontstane hevige gemoedsbeweging die door de aanranding is veroorzaakt. Hierdoor is het onverkort doorgaan met schieten, ook toen verdachte viel, aan te merken als een verontschuldigbare overschrijding van de grenzen van een noodzakelijke verdediging.

Mehmet Y. was al eerder door de rechtbank op vrije voeten gesteld. Hij is wel veroordeeld voor wapenbezit.