‘Veronderstellingen geen bewijs voor liquidatie’

‘Veronderstellingen geen bewijs voor liquidatie’

In sommige media zijn de verdachten in de 26Koper-zaak als ‘moordcommando’ of ‘uitzendbureau voor liquidaties’ gekwalificeerd. Voor hun advocaten is dat een misleiding, die op zijn allerbest enkel is gestoeld op veronderstellingen en interpretaties, zo bleek uit hun pleidooien.

Door @Wim van de Pol

De verdenking van voorbereiding voor moorden heeft – gevoegd bij de vondst van bijna honderd vuurwapens en heling van gestolen dure Audi’s  – eisen voor lange gevangenisstraffen tot gevolg gehad. Bij zo’n zware verdenking van moordplannen is voor veronderstellingen, interpretaties of tonen van wapens en afspelen van gespreksfragmenten in de rechtszaal geen plaats, vinden de advocaten.

Ze vroegen vrijspraak voor de de verdenking van voorbereiding liquidaties.

Context

Volgens Christian Flokstra, de advocaat van Jaoud W. (eis 17 jaar), droeg het afspelen van gespreksfragmenten op de publieke zitting ‘helemaal niets’ bij aan de waarheidsvinding. De uitgeschreven – gehele – gesprekken zitten in de dossiers en daar zijn de fragmenten ook voorzien van de nodige context. Volgens hem is er weliswaar sprake van een ‘crimineel decor’ maar dat zegt niets over concrete plannen voor liquidaties. Alleen vast staat dat er door verdachten kennelijk personen ‘in beeld zijn gebracht’, zei Flokstra, doelend op het filmen van personen die (veel later) zijn vermoord.

Over de zwijgzaamheid van de verdachten zei Flokstra ‘dat het nog maar de vraag is of de verdachten in staat zijn om vanuit hun perspectief meer licht op de zaak te werpen.’ Zij weten misschien ook niet alles, redeneerde hij.

Bevestigende informatie

Guy Weski, advocaat van Zakaria S. (eis 16 jaar) stelde dat zijn cliënt in de afgeluisterde gesprekken ‘op geen enkel moment in directe bewoordingen heeft gesproken over het uit de weg ruimen van specifieke personen.’ S. nam wel woorden als ‘afknallen’ in de mond. Volgens Weski leidt alleen interpretatie van een samenstel van feiten naar de conclusie van het Openbaar Ministerie, maar dat is geen bewijs. Op die manier komen volgens hem rechterlijke dwalingen tot stand.

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat mensen die op het spoor van een ernstige misdrijf zijn graag bevestigend bewijs daarover of een vermoeden of een mogelijkheid lezen, dat heet confirmation bias. Mensen hechten ‘buitensporig veel waarde aan bevestigende informatie, positieve of stavende gegevens’, aldus Weski, ‘gebeurtenissen die niet rijmen met de voorspelling vallen niet op.’

Probeer maar eens niet te denken dat de 26Koper-verdachten met moordplannen bezig waren, als je de selectie van aanwijzingen die het Openbaar Ministerie presenteert tot je neemt, is zijn gedachte.

Afgeluisterde gesprekken over liquidaties die in de media zijn geweest zijn niet meer dan dat en wijzen niet op moordplannen van Zakaria S., aldus Weski.

Algehele vrijspraak

Volgens Leon van Kleef, de advocaat van Werner E. (eis 14 jaar), staat lang niet vast dat het zijn cliënt was die een boekje volschreef met aantekeningen van een administratie die (mede) betrekking zou hebben op liquidaties. Er zaten vingerafdrukken van hem op, maar ook van anderen. De conclusie van een handschriftdeskundige noemde Van Kleef ‘subjectief’. Zelfs al zou hij die boekhouding hebben bijgehouden dan bewijst dat nog niet dat hij precies wist wat andere verdachten deden. Werner E. is niet gezien bij kluizen met wapens, gestolen Audi’s of afgeluisterd bij het observeren. De rechtbank mag volgens hem niet concluderen dat hij ergens van wist en hij eiste algehele vrijspraak.

Zie ook:

De blinde vlek in de 26Koper-zaak

OM eist voor moordplannen tot 17 jaar