De Britten die Pablo Escobar moesten doden (VIDEO)

Er is een documentaire gemaakt over Pablo Escobar met een verhaal dat nog niet algemeen bekend is. In 1989 probeerde een Brits team van huurmoordenaars hem te liquideren. Escobar beheerde toen een groot netwerk van cocaïnesmokkelaars en moordenaars, dat mogelijk driekwart van de cocaïnehandel in die tijd in handen had. De opdracht voor de liquidatie kwam van het rivaliserende Cali-kartel.

SAS

Het team stond onder leiding van de Schot Peter McAleese (78), die al een flinke carrière achter de rug had als soldaat van de Britse elite-eenheid SAS maar ook als huurling in verschillende jungle-oorlogen.

McAleese (1942) zegt dat hij in het leger werd getraind om te doden maar zijn vechtersinstinct bijgebracht kreeg in de straten van Glasgow. Hij groeide op in de schaduw van de beruchte gevangenis Barlinnie, waar zijn vader een tijdlang door moest brengen. Zijn vader was volgens hem een ‘zeer stoere en gewelddadige man’.

Hij diende bij het Parachute Regiment en werd lid van het elite 22 Regiment SAS. In 1969 verliet hij het Britse leger. Hij zegt in de film dat deze beslissing de slechtste was die hij in zijn leven kon doen. Hij kon niet aarden in het burgerbestaan, mishandelde een vriendin en werd huurling. Zo reisde hij van oorlog naar oorlog, met name in Afrikaanse landen. (tekst gaat verder onder reclame)

Jorge Salcedo

In Angola ontmoette hij in 1976 Dave Tomkins, de man die McAleese benaderde over de missie om Escobar te vermoorden. Het was Jorge Salcedo, een crimineel die wordt gerekend tot het toenmalige Cali-kartel, die de plannen coördineerde.

Salcedo was ervan overtuigd dat Escobar zou kunnen worden gedood op zijn uitgestrekte landgoed  Hacienda Napoles, met onder meer een dierentuin, een airstrip en een enorme verzameling luxe auto’s.

McAleese maakte een verkenningsvlucht over de ranch voor verkenning en was het ermee eens dat het een uitvoerbaar plan was. Tomkins rekruteerde een team van 12 huurlingen, allemaal bekenden van hem. Elk van de mannen verdiende 5.000 dollar per maand plus onkosten, maar Tomkins zou 1.000 dollar per dag hebben ontvangen.

Aanvankelijk bleef de groep in de stad Cali maar daar liepen ze teveel in de gaten. Ze verhuisden daarom naar een grote boerderij, waar ze een enorme voorraad wapens kregen. ‘Het was net focking Kerstmis’, zegt McAleese. ‘Alles wat we aan wapens nodig hadden, was aanwezig.’ De groep trainde met elkaar. Alleen Tomkins en McAleese wisten wie het doelwit was.

Hoofd

Escobar’s hoofd zou als een trofee mee terug moeten worden gebracht na de aanval.

In twee helikopters ging de groep onderweg naar Hacienda Napoles. Maar al snel ging het mis. De helikopter met McAleese en Tomkins stortte neer terwijl ze laag door de wolken boven de Andes vlogen. De piloot kwam om het leven, de anderen overleefden. De operatie werd afgebroken. McAleese lag drie dagen in ondragelijke pijn totdat hij werd gered.

Pablo Escobar en zijn veiligheidstroepen hadden lucht van de crash gekregen en organiseerden een zoekactie. Als hij zou zijn gevonden ‘zou ik een lange, langdurige, pijnlijke dood hebben gehad,’ zegt McAleese.

Terugkijkend zegt hij het nooit als moord te hebben beschouwd: ‘Ik heb het als een doelwit beschouwd.’