Getuige W. verdacht raketbeschieting

De nieuwe getuige in de Passage-zaak (Harry W., 63) is medeverdachte van het beschieten van een huis in Vinkeveen met een raket (of granaatwerper) in 1995. Het gaat om de beschieting van het huis van Henk de Vries – destijds eigenaar van coffeeshop de Bull Dog in Amsterdam – op 25 januari 1995, aan de Groenlandsekade in Vinkeveen. Vanmorgen beschuldigde de getuige Jesse R. van een liquidatie in vrouwenkleren.

W. is in januari van dit jaar gehoord in de┬á4050 kilo-zaak tegen onder meer M. P. Daar heeft hij voor het eerst gesproken over die beschieting. Vervolgens is hij een zogenoemde “begunstigingsgetuige” geworden.

Nadat het Openbaar Ministerie W. hoorde vertellen over de – onopgeloste – zaak in Vinkeveen is daarnaar een onderzoek gestart. De getuige zegt dat het OM bij gelegenheid van dat verhoor vroeg of W. nog dingen wist over ‘andere mensen’ die levensdelicten hadden gepleegd.

De getuige ging halverwege de jaren negentig intensief om met onder meer Henk Rommy en Greg R., de vader van passage-verdachte Jesse R. Henk Rommy was een peetvader van Jesse R. Maar de getuige had verdachte Jesse R. nooit ontmoet. Hij woonde wel enige tijd samen met Mohammed R., alias Moppie, verdachte van drie moorden in het Passage-proces die zijn gepleegd in 1993.

‘Nee Moppie, jij bent de enigste die ik hier ken,’ zei de getuige terwijl hij de zaal rondkeek.

Hij zei te denken dat hij verdachte Siegfried S. ook kende. Die zou hem zijn ge├»ntroduceerd in de woning van Henk Rommy als “Oompje”. Over deze Oompje zei hij:

‘Sommige mensen hebben wel eens pistool bij zich, maar deze meneer had twee machinegeweren onder zijn jas.’ (Dat zullen dan machinepistolen zijn geweest).

Het Openbaar Ministerie beloofde de getuige niet voorarrest te nemen voor de Vinkeveense zaak als hij zou gaan verklaren over R. en Rommy. Die belofte vormt de enige “begunstiging” die de getuige ontvangt, zegt hij zelf.

Advocaten noemen hem echter ‘gewoon een kroongetuige’ die onder druk is gezet om te gaan verklaren. De getuige is al op leeftijd en zegt zijn uitkering te verliezen indien hij in hechtenis zou gaan, zijn vrouw zou van die uitkering afhankelijk zijn.

Op 10 en 12 mei van dit jaar heeft de getuige twee kluisverklaringen afgelegd.

De getuige zegt nooit iets gelezen te hebben in de kranten of op internet over de Passage-zaak. Hoe aannemelijk dat is zal tijdens de komende verhoren moeten blijken. Vaststaat wel dat alles waar hij over vertelt al in de media naar voren gebracht.

Nieuw was het verhaal dat de getuige vandaag ter zitting vertelde over de moord op drugshandelaar Ton de Bruin op 10 januari 1992, een zaak die niet aan de orde is in het Passage-proces. W. vertelde dat hem was verteld dat Jesse R. in vrouwenkleren bij De Bruin had aangebeld en deze vervolgens had doodgeschoten.

De politie heeft Henk Rommy verdacht van het opdracht geven tot deze niet opgeloste moord.