Baybasin aanwezig voor Hoge Raad

Hüseyin Baybasin was present in het paleis van justitie in Den Haag, dinsdagmiddag, tijdens de mondelinge toelichting door zijn advocaat Adèle van der Plas, op het herzieningsverzoek bij de Hoge Raad. Van der Plas zei blij te zijn dat Baybasin er zelf bij kon zijn om te laten zien dat het in deze zaak niet gaat om ‘juridische abstracties maar om een menselijk drama’.

 

‘Een mens van vlees en bloed die, naar het zich laat aanzien, zeer wel mogelijk 14 jaar ten onrechte van zijn vrijheid is beroofd’, zei Van der Plas. 

Ze gaf een korte toelichting op de nieuwe feiten, die tijdens de veroordeling tot levenslang door het gerechtshof in Den Bosch in 2002, nog niet bij dat hof bekend waren. Om die nieuwe feiten moet volgens haar de zaak worden herzien.

Het belangrijkste novum is het feit dat de moord waarvoor Baybasin als opdrachtgever in Nederland is veroordeeld volgens een Turkse rechtbank en de Turkse justitie geheel geen connectie met Baybasin heeft. Na diens veroordeling in Nederland in 2002 is zijn veronderstelde handlanger in Turkije in 2004 bij gebrek aan bewijs vrijgesproken en de andere handlanger van Baybasin is niet eens vervolgd. 

Het bewijs dat het gerechtshof gebruikte om Baybasin te veroordelen bestaat voor zeker 90% op afgeluisterde telefoontaps. Baybasin heeft altijd volgehouden dat die taps zijn gemanipuleerd. Daarvoor zijn ook sterke aanwijzingen gevonden, na het arrest van het hof.

Van der Plas stond het langste stil bij een studie van PriceWaterhouseCoopers uit 2003 waarover het gerechtshof destijds ook niet kon beschikken. Uit die studie kwam naar voren dat bij drie van de vijf onderzochte tapkamers ‘de technische beveiliging fundamenteel ontoereikend’ was. ‘Hierdoor kunnen onbevoegden met toegang tot de lokale computers inzage krijgen in de getapte informatie of log-informatie, deze wijzigen of vernietigen of autorisaties wijzigen.’

De studie was in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken gedaan en leidde in 2003 tot een regeringsbesluit om de tapkamers en het tappen in Nederland beter te beveiligen. 

Als het hof dit had geweten, dan was de bewijslast volgens Van der Plas omgekeerd geweest. Dan immers had niet Baybasin moeten bewijzen dat zijn telefoongesprekken gemanipuleerd waren maar had het Openbaar Ministerie moeten bewijzen dat er géén sprake was geweest van ‘wissen, toevoegen of anderszins veranderen van gegevens’.

Advocaat-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden, Diederik Aben, kon niet aanwezig zijn bij de zitting. Zijn trein was in de buurt van Woerden op weg naar Den Haag door een storing blijven steken. In de komende maanden zal Aben concluderen. Later dit jaar zal dan het arrest van de Hoge Raad in het herzieningsverzoek volgen.  

De zitting was verplaatst van het gebouw van de Hoge Raad naar een gewone zittingszaal op de rechtbank om betere beveiliging mogelijk te maken, aldus een woordvoerster.

Lees veel meer over de zaak in het artikel Nieuwe feiten over “moordzaak” (daar is ook het gehele herzieningsverzoek dat vorig voorjaar is ingediend in pdf te downloaden.)