Justitie worstelt met getuigenbescherming

‘Het omgaan met bedreigde (kroon) getuigen blijft kennelijk een lastige klus voor het openbaar ministerie en het speciale politieteam dat zich met hun bescherming bezighoudt. Afgelopen woensdag onthulde een officier van justitie dat in een prestigieuze strafzaak tegen criminele kopstukken een overeenkomst met een belangrijke getuige is opgezegd. Er is een conflict ontstaan tussen het Team Getuigenbescherming (TGB) en Remko van L. uit Zandvoort.’ Aldus John van den Heuvel in De Telegraaf, afgelopen zaterdag.

‘Laatstgenoemde stapte in 2010 met zijn gezin in een getuigenbeschermingsprogramma van justitie. Van L., een financieel expert en ondernemer, beweerde te zijn afgeperst door onder anderen de gebroeders G. en Hells Angels-kopstuk Harry Stoeltie. De verklaringen van Van L. kwamen de nationale recherche goed uit. Het onderzoek leek zelfs te reiken tot de criminele top van Nederland, nadat ook de beruchte gangster Stanley Hillis in beeld kwam.

In maart 2011 ging het helemaal mis, toen Hillis voor de ogen van een observatieteam van de politie werd geliquideerd. Toch verrichtte de politie enkele maanden later invallen en arrestaties. Uit het strafdossier blijkt hoe belangrijk de verklaringen van Remko van L. voor het bewijs zijn. Het afgelopen jaar werd al duidelijk dat er problemen zijn gerezen tussen Van L. en zijn beschermers. De belangrijkste troefkaart van justitie weigert te getuigen bij de rechter-commissaris.

Wat precies de oorzaak is van het afhaken van Van L., is onduidelijk. Eerder beweerde de getuige in het weekblad Vrij Nederland dat justitie financiƫle en andere afspraken niet nakwam. Volgens het OM is daar geen sprake van. Van L. zou onredelijke eisen stellen en zijn beschermers proberen te chanteren. Een procedure bij een speciale arbiter moet nu duidelijkheid verschaffen.

Waar hebben we dat meer gehoord?

In het passageproces ruziede kroongetuige Peter La Serpe twee jaar lang over de voorwaarden, waaronder hij een getuigenis zou afleggen. Dit tot wanhoop van het openbaar ministerie, dat het proces diverse keren bijna zag stranden. Soms leek het alsof het OM door zijn eigen getuige werd gegijzeld. Ook kroongetuige Angelo Diaz kwam in aanvaring met het Team Getuigenbescherming, nadat hij zeer belastende verklaringen had afgelegd over de Hells Angels. Diaz verbrak na een reeks conflicten zijn overeenkomst en besloot zelf voor zijn veiligheid te zorgen.

Het lijkt erop dat politie en openbaar ministerie grote moeite hebben om te gaan met kroongetuigen, die door hun intellectuele capaciteiten in staat zijn op het scherp van de snede te onderhandelen. Het kan geen toeval zijn dat het OM in drie grote strafzaken op rij rollebollend over straat gaat met een intelligente getuige, die het belangrijkste bewijs moet leveren.

Kennelijk is er iets fundamenteel mis met de wijze waarop de onderhandelingen worden gevoerd en hoe een getuige door justitie of door het Team Getuigenbescherming wordt bejegend. De inzet van kroongetuigen en het sluiten van deals zijn belangrijke hulpmiddelen bij het bestrijden van georganiseerde misdaad. Maar als politie en justitie zo nog even verder gaan, hoeft er straks geen getuige meer te worden beschermd. Niemand zal het nog aandurven met justitie in zee te gaan. Ik hoor de onderwereld al juichen.’