Lagere straffen voor drievoudige moord

Lagere straffen voor drievoudige moord

Het gerechtshof in Amsterdam heeft de verdachten van de drievoudige ‘Purmerlandmoorden’ veroordeeld tot lagere gevangenisstraffen. In één geval werd er vrijspraak verleend. De overige twee verdachten, James P. en Arnold van L., kregen 18 en 10 jaar gevangenisstraf. Het Openbaar Ministerie had om celstraffen tot 25 jaar gevraagd.

Conflict

James P. kreeg de hoogste straf omdat hij volgens het hof betrokken was bij het doodschieten met een pistoolmitrailleur van Mohamed Benbouker (34) en daarna ook bij de dood van Maurice Bouhuijs (40) en Arjan Kools (42), op 20 december 2011. De schietpartij hield verband met een conflict in de wietwereld, waarbij één van de verdachten door het slachtoffer B. werd afgeperst en bedreigd, aldus het hof.

Doodslag

Het hof oordeelt onder meer op basis van het forensisch onderzoek en getuigenverklaringen dat niet bewezen is dat Martijn W. zich schuldig heeft gemaakt aan doodslag van Benbouker, die in het Noord-Hollands kanaal is gevonden. Hij gaat daarom vrijuit. De twee mannen waren aanvankelijk van plan B. te beroven of te ontvoeren. Twee andere verdachten die op de Kanaaldijk aanwezig waren, werden eerder al door rechtbank vrijgesproken in deze zaak omdat niet gebleken is dat zij wisten wat daar ging gebeuren.

Samen gepleegd

De kort daarop volgende moorden op de twee andere slachtoffers aan het Burgtpad in Purmerland zijn volgens het hof door James P. en Arnold van L. samen gepleegd. Het besluit om deze twee te vermoorden kwam voort uit de dood van B. Daarbij heeft Van L. geroepen ‘er zijn er nog twee’ en de anderen gevraagd mee te gaan naar het Burgtpad en hen daar in de auto naar toe geleid. Niet duidelijk is wie het dodelijke schot heeft gelost.

Zelfmoord

De vermoedelijke hoofddader, Rahim D., pleegde in mei 2012 zelfmoord, op het moment dat de politie hem in zijn woning in Amsterdam-Noord wilde arresteren. Het OM zei dat tegen hem levenslang zou zijn geëist als hij nog in leven was geweest.