Tot acht jaar geëist in 144 miljoen-zaak

Tot acht jaar geëist in 144 miljoen-zaak

Het Openbaar Ministerie in Den Bosch eiste woensdag acht jaar cel tegen twee verdachten van 38 en 30 jaar uit Best en Eindhoven voor het runnen van een groot drugslab aan de Van Kanstraat in Eindhoven dat op 25 april 2014 werd opgerold.

Van den Burg

De twee huurden een deel van een loods van een 46-jarige Eindhovenaar. Volgens het OM is deze medeplichtig en zou daarom drie jaar cel moeten krijgen. Tommie van den Burg (31, foto) uit Best was de vierde verdachte in de zaak. Hij werd vorig jaar doodgeschoten in zijn auto bij het Van der Valk-hotel in Eindhoven.

400 miljoen euroTommie van der Burg

In het onderzoek is volgens het Openbaar Ministerie op 25 april vorig jaar ter waarde van vele miljoenen euro aan drugs gevonden: onder meer enkele honderdduizenden xtc-pillen en ruim 70 kilo amfetamine. Ook werd 16.000 liter formamide, 8.600 liter monomethylamine en 600 kilogram apaan aangetroffen. De politie becijferde de mogelijke criminele opbrengst op ongeveer 144 miljoen euro. Ook zijn (automatische) geweren en een raketwerper in beslag genomen bij de verdachten.

Formamideamfetamine_pasta

Medio april 2014 kreeg de politie een tip van de Rotterdamse douane dat in de haven een grote partij chemicaliën lag die was geleverd door een Chinese firma. Dat was een grote partij formamide, grondstof voor amfetamine. Door deze partij in de gaten te houden kwam de politie op het industrieterrein ten noorden van Acht. De vier verdachten zijn gezien terwijl ze aan het uitladen waren. Verdachten reden later met een bestelbusje naar een drugslab in België.

Koffie

Twee verdachten worden door het Openbaar Ministerie ook nog in verband gebracht met een omzettingslab in Nieuwkuijk waar apaan werd omgezet in grondstoffen voor xtc en amfetamine. Hun advocaten Mark Nillisen en Geoffrey Woodrow hebben in hun pleidooi betwist dat hun cliënten bewust waren dat ze met drugsprecursoren en drugs verlaadden en vervoerden. De mannen hebben verteld dat ze vaak in de loods waren om klusjes voor anderen op het bedrijventerrein te doen of om koffie te drinken.

Legale toepassingen

Het Openbaar Ministerie vindt dat de verhuurder van de loods had moeten weten dat hij door middel van het ter beschikking stellen van de loods en door het bestellen van de formatie voor de andere verdachten mee zou doen aan de productie van synthetische drugs. Zijn advocaat Yannick Quint bestrijdt dat: ‘hij kende alleen legale toepassingen van formamide. Uit niets blijkt dat hij verstand had of kennis had van chemicaliën.’ De man dreef in de loods een groothandel in consumentenartikelen. Volgens Quint kon hij ook niet weten wat er allemaal precies in de loods werd opgeslagen door de huurders.

Overigens eiste het OM bij deze verdachte vrijspraak waar het ging om het voorhanden hebben van de wapens.