Berisping voor vijf agenten wegens racistische appjes

Berisping voor vijf agenten wegens racistische appjes

Vijf Rotterdamse politieagenten krijgen een berisping voor het uitwisselen van racistische appjes over hun werk. Dat meldt de hoofdcommissaris van de politie in die stad.

Jan Smit

De politie in Rotterdam liet een onafhankelijke commissie onderzoek doen naar racistische uitingen in een app-groep van politiemensen in dat korps, die in 2020 aan het licht kwamen.

Negen politiemensen van het bureau Marconiplein deden uitspraken in een zogenoemde ‘Jan Smit appgroep’. De agenten noemden burgers ‘kankervolk, kutafrikanen en pauperallochtonen’ op wie ze wilden ‘schieten’.

Door het stof

NRC meldt donderdag dat vijf van de negen politiemensen nu een ‘schriftelijke berisping’ hebben gekregen. Met daarnaast een aantekening in hun dossier. Hoofdcommissaris Fred Westerbeke vertelt dit in een interview aan de krant.

Uit het onderzoek bleek dat de politiemensen ‘hun werk verder goed deden’, aldus Westerbeke. Strengere straffen hebben voor hem daarom geen meerwaarde. ‘De collega’s zijn diep door het stof gegaan, hebben oprecht spijt en bieden excuses aan.’

Lessen

Al eerder kregen de agenten een waarschuwing, nadat een app-groeplid van Turkse komaf zich had beklaagd over de teksten. Daarna besloot het Openbaar Ministerie dat de agenten niet strafrechtelijk zullen worden vervolgd, omdat hun uitingen niet in het openbaar waren gedaan.

Hoofdcommissaris Westerbeke vindt dat er lessen moeten worden getrokken uit de gebeurtenis en dat er meer agenten van diverse afkomst moeten worden aangenomen.

Ook wil de politie zelf met een app gaan werken, waardoor structureel etnisch profileren kan worden tegengegaan.

Reactie burgemeester Aboutaleb

NRC laat ook burgemeester Ahmed Aboutaleb van Rotterdam reageren. Die zei volgens de krant eerder dat ‘als dit wordt bewezen, er voor deze mensen geen plek is in Rotterdam’. Nu komt hij hierop terug: ‘Ik weeg mee dat ze aangeven bewust geworden te zijn van de schade die het gevolg is van hun uitlatingen, en dat ze de stad excuses hebben gemaakt.’