OM eist veel straf voor Amsterdamse plofkraak (UPDATE)

OM eist veel straf voor Amsterdamse plofkraak (UPDATE)

Tegen de 26-jarige Amsterdammer Ali B. heeft het Openbaar Ministerie dinsdagmiddag een celstraf van vijf jaar geëist voor de mislukte plofkraak op het Surinameplein in december van verleden jaar.

Strafblad

In zijn strafeis heeft de officier van justitie het in zijn ogen aanzienlijke strafblad van de verdachte laten meewegen en ook de gevaarzitting voor levens of zwaar lichamelijk letsel voor anderen.

Bij de mislukte plofkraak op 28 december 2018 op het Surinameplein werd geen geld buit gemaakt maar de schade aan het pand waar de geldautomaat werd opgeblazen was aanzienlijk. De herstelkosten zijn vastgesteld op 80 duizend euro. De plofkraak was de vijfde op rij in de maand december.

Op camerabeelden zijn drie personen te zien die aanwezig waren bij het opblazen van de geldautomaat. Eén van de mannen draagt gezichtsbedekking, een hoofdlampje en een regenpak. Volgens het OM is dat de standaard outfit die bij vrijwel alle plofkraken wordt teruggezien.

Herkenning

Volgens het OM staat het onomstotelijk vast dat de 26-jarige B. betrokken is geweest bij de mislukte plofkraak. B. komt ook in beeld, aldus de officier van justitie. Hij helpt een andere man en verricht ook zelf handelingen. Hij loopt even weg en verschijnt iets later weer in beeld, maar dan met een bivakmuts en hoofdlampje op. Een beeltenis van de 26-jarige verdachte wordt vrijwel direct herkend door vijftien verbalisanten van de politie die op verschillende bureaus werken. Volgens het OM zijn de herkenningen ‘zeer specifiek’.

Uit een gelaatsvergelijkend onderzoek blijkt volgens justitie dat er aanwijzingen zijn dat het aangezicht van de verdachte op de opsporingsafbeelding van dezelfde persoon is als de gelaatsrekken op de referentieafbeelding.

De advocaat van B., Bénédicte Ficq, zei volgens Het Parool dat B. niet te herkennen is:

Dat is geen advocatenpraatje. Ik ken mijn cliënt al heel lang en vind het heel raar dat ik deze persoon níet herken als mijn cliënt, maar de verbalisanten (agenten) wel.

De man op de camerabeelden is smal, volgens Ficq: ‘Je kunt van mijn cliënt zeggen dat hij klein is, maar hij is superbreed.’

Naast B. had de politie ook een 22-jarige Amsterdammer aangehouden maar die werd door de raadkamer van de rechtbank heengezonden. Hij is nog steeds verdachte. Naar de derde man wordt nog gezocht.

Zie ook:

‘Verdachte plofkraak uit beruchte familie’ (UPDATE)