Justitie: spotterfilmpje Martin Kok ‘niet onderkend’

Justitie: spotterfilmpje Martin Kok ‘niet onderkend’

Justitie zegt dat de spotterbeelden van de in december 2016 omgebrachte crimeblogger Martin Kok op een telefoon van de kroongetuige in de zaak Marengo in 2017 na ontdekking ‘niet zijn onderkend’. Dat schrijft een officier van justitie in een e-mail aan alle procespartijen, die Crimesite heeft ingezien.

Foto: Martin Kok in de bar waar het spotterfilmpje ook zou zijn gemaakt.

Door @Wim van de Pol

Crimesite meldde op 2 juni dat het politie-dossier lijken te suggereren dat de recherche het filmpje al bij de arrestatie van Nabil B. in januari 2017 al daadwerkelijk had gezien en er jaren niks mee had gedaan, terwijl het toch relevant was in het moordonderzoek Kok, en de kroongetuige verdacht maakte.

Op de zitting van 3 juni legde een officier van justitie een verklaring af over de toedracht rond het filmpje op de telefoon van de kroongetuige. Die verklaring was ‘op een aantal punten niet juist’, erkent de officier van justitie in de e-mail (die een dag na die zitting is verstuurd). De officier schrijft:

De telefoon (iPhone 6) van B. is op 14 januari 2017 bij zijn aanhouding in beslaggenomen en overgedragen aan het tactisch onderzoeksteam Marengo. In oktober 2018 is de telefoon voor het eerst door het onderzoeksteam van Marengo bekeken. Het filmpje is toen niet onderkend. Op 14 februari 2020 is de telefoon nogmaals bekeken en daarbij is geconstateerd dat er een filmpje van Martin Kok op de telefoon stond.

Een vraag die nu voorligt is wat de officier van justitie bedoelt met de zinsnede ‘niet onderkend’. Kennelijk is de waarde of het belang van het filmpje voor het strafrechtelijk onderzoek naar de dood van Martin Kok toen niet gezien.

Maar dat laat nog wel de kwestie openstaan waarom de recherche al die tijd niets met dat filmpje heeft gedaan, en waarom de kroongetuige Nabil B. kennelijk niet is ondervraagd over de vraag waarom dat filmpje op zijn telefoon stond.

Beelden

Het gaat om een heimelijk gemaakte video van Martin Kok in een Rotterdamse bar die in 2017 is aangetroffen op een telefoon van Nabil B., de kroongetuige in de zaak Marengo. Het filmpje zou via medeverdachte Mohammad R., een criminele partner van Ridouan T., op het toestel van B. zijn beland. Niet duidelijk is door wie de beelden waren gemaakt.

Justitie ontkende in eerste instantie dat de video al was bekeken, voordat ze de kroongetuigedeal met Nabil B. maakte. Maar uit een proces-verbaal dat Crimesite inzag, bleek al dat de recherche het spotterfilmpje wel degelijk al enkele weken na de moord op Kok had ingezien en veiliggesteld. Niet pas na ‘een tweede zoekslag’ in oktober 2020.

Vorige week gaf het Openbaar Ministerie tijdens de zitting aan dat het filmpje pas later was ontdekt door ‘voortschrijdende techniek’. Maar het lijkt er nu op dat de politie het filmpje wel degelijk eerder had kunnen bekijken. Justitie verstuurde na de zitting van vorige week in de zaak Marengo een mail aan alle procespartijen, waarin ze nu aangeeft dat de beelden destijds ‘niet zijn onderkend’. De reden hiervoor geeft ze niet. Dit meldt Nu.nl donderdag.

Kenteken

Het OM besloot eerder B. in Marengo niet te vervolgen voor de moord op Kok, omdat zijn betrokkenheid daarbij te gering zou zijn geweest. Dit hoewel B. bijvoorbeeld wel het kenteken van de auto waarin Kok op 8 december 2016 is doodgeschoten, kort ervoor liet natrekken voor de misdaadorganisatie van Ridouan T., waarvan hij deel uitmaakte. B. heeft daarover gezegd dat hij niet wist dat deze check ging over de geplande moord op Kok.

Het proces in de zaak krijgt maandag een vervolg.