Mysterieus ‘technisch hulpmiddel’ in zaak JayJay

Het Openbaar Ministerie heeft het onderzoek in de zaak van de moord op Abdurrahim “Appie” Belhadj (29) rond. Dat bleek woensdagmiddag op de zitting tegen Jason “JayJay” L. (24). Op 9 november wordt de zaak inhoudelijk behandeld.

Door @Wim van de Pol

De schutter staat niet terecht en de politie zoekt nog naar een tweede persoon die in de nacht van de moord op 8 op 9 mei 2016 rondhing op een galerij van flat Kikkenstein in Amsterdam-Zuidoost. Maar justitie is ervan overtuigd dat Jason L. de uitlokker en opdrachtgever van de moord is.

Snap

Als bewijs ligt er een serie Snapchat-berichten waarin L. volgens justitie slachtoffer Belhadj aan het einde van de nacht uit Amsterdam-Centrum naar Kikkenstein lokte, met de belofte van vrouwelijk gezelschap. Belhadj werd doodgeschoten en rapper JayJay eindigde die nacht in Rotterdam.

Lokatie

Abdurrahim Belhadj

Behalve anonieme tips die bij de criminele inlichtingendienst binnenkwamen is app-verkeer het bewijs voor uitlokking moord. Rond 04.00 op 9 mei 2016 stuurde L. zijn lokatie naar Belhadj en een foto van de ingang van Kikkenstein naar zijn vriend Rigjendrig L. (21). Die laatste is verdacht van de liquidatie maar niet vervolgd. Hij is wel veroordeeld voor voorbereiding van een niet uitgevoerde liquidatie in Heemskerk.

Advocaat Manon Aalmoes zei op de zitting geen relatie te zien tussen het app-verkeer en de schutter (zie foto links). Want het Snap-contact vond anderhalf uur voor de komst van Belhadj en de schietpartij plaats. Ze vroeg (vergeefs) om opheffing van de voorlopige hechtenis. Volgens haar is er sinds de ruim 15 maanden dat L. vastzit en vandaag hoegenaamd geen bewijs bijgekomen, en zeker geen belastend bewijs.

Technisch hulpmiddel

Onderzoek in de miljoenen PGP-berichten van Ennetcom waar het Openbaar Ministerie over beschikt leverden geen aanwijzingen tegen L. op.

Schutter moord Belhadj

Op de zitting bleek dat in de zaak een onbekend ‘technisch hulpmiddel’ is ingezet. Volgens de officier van justitie diende dat ter bepaling van twee telefoons ‘in een geografisch gebied’. Hij zei verder niet te weten welk middel dat was geweest.

Kennelijk ging het niet om een peilbaken op een auto of een IMSI-catcher waarmee de politie gsm-telefoons op lokatie afluistert of uitpeilt. Mogelijk was het een methode om live uit te peilen op welke lokatie zich de twee telefoons zich op een bepaald moment bevonden.

De rechtbank zei een middel voor bepalen van een lokatie in een geografisch gebied niet te kennen. Ze bepaalde dat het Openbaar Ministerie voor de volgende zitting informatie moet geven welk middel en welke methode hiervoor is gebruikt.

Jason L. is ook verdachte in de zaak van de moord op Vincent Jalink, maar of hij daarvoor zal worden vervolgd is nog niet bekend.