Rechters proberen Aquino-moord te ontrafelen

Rechters proberen Aquino-moord te ontrafelen

In Tongeren (B) is het juryproces begonnen tegen de verdachten van de moord op Silvio Aquino, op 27 augustus 2015. Mogelijk komt er wat meer helderheid over de achtergrond van de zaak. Was het een uit de hand gelopen ontvoering of het resultaat van een vete met een andere criminele familie, vraagt De Standaard zich af.

Gemaskerde mannen

Silvio Aquino (41) was de leidende figuur van de Aquino-familie, een beruchte groep uit Belgisch Limburg met connecties in de Italiaanse regio Calabrië. Hij was verdachte, maar op vrije voeten, in een omvangrijke rechtszaak over cocaïnesmokkel, waarin later familieleden werden veroordeeld

Op 27 augustus 2015 werd de auto van Aquino tussen Opglabbeek en Maasmechelen klemgereden. Gewapende en gemaskerde mannen met een rode band rond de arm riepen ‘politie, politie’.

De vrouw van Aquino vertelde achteraf hoe haar man ‘Lopen, Silvia, lopen. Dit zijn geen flikken’ riep. Zij werd weggetrokken en in een wurggreep genomen. Achter haar hoorde ze schoten vallen. Aquino kreeg vijf kogels in het hoofd. Aquino beschoot zelf één van de belagers, deze werd later achtergelaten op de Nederlandse rijksweg A73.

Roma-clan

Eén van de verdachten is Martino Trotta (62, foto), restauranthouder uit Zutendaal, ooit een vriend van de familie Aquino. Hij zou voor de moord vijf leden van de Bosnische familie Hamidovic, een Roma-clan, hebben ingehuurd.

Er doen vele geruchten de ronde, onder meer over een overval door de clan van Trotta bij Antonetta Aquino, de zus van Silvio, en over een oplichting met drugs door de Aquino’s.

In de maanden na de moord werden drie van de vier daders opgepakt in Keulen (Duitsland) en in Cannes aan de Franse kust.

Eigen onderzoek

De Aquino’s deden hun eigen onderzoek. Ze drongen het mortuarium binnen waar het lichaam van de doodgeschoten Samson Hudorovich lag. Ze namen een foto en gingen daarmee op zoek naar sporen van de andere daders. De foto leidde hen ook naar Martino Trotta.

Telefoons

Martino Trotta werd al snel opgepakt door de politie. Hij bleek in de gevangenis van Antwerpen, en met telefoons, contacten te hebben onderhouden met de Hamidovic-clan. Bij een huiszoeking bij Trotta vond de recherche de verpakking van een ­telefoon die door een Hamidovic werd gebruikt. Trotta ontkent iedere betrokkenheid.

Eind augustus vorig jaar werd Dragisa Hamidovic, als laatste voortvluchtige verdachte, opgepakt aan de Spaanse Costa Brava. Dragisa ging praten met de politie, tot grote woede van zijn medeverdachten.

Barbie

Op een inleidende zitting in maart waren er scheldpartijen in de rechtszaal. Dragisa werd ‘een verrader’ en ‘een Barbie’ genoemd. Dat laatste is een verwijzing naar Klaus Barbie, de Nazi-moordenaar die in Frankrijk veel Roma-zigeuners naar vernietigingskampen stuurde.

Dragisa heeft verklaard dat het nooit de ­bedoeling was om Silvio Aquino te vermoorden. Ze wilden hem ontvoeren en ­losgeld vragen, maar door het verweer van Aquino was de zaak uit de hand gelopen.

De politie gaat ervan uit dat, hoe dan ook, de bekentenissen van Dragisa bevestigen dat Martino Trotta de opdrachtgever was.

Het proces zal vijf weken in ­beslag nemen. Er komen 102 getuigen voor de rechters.

Zie ook:

Spanning voor proces over liquidatie Aquino