Verdachten van plofkraken voorlopig op vrije voeten

Verdachten van plofkraken voorlopig op vrije voeten

Vier mannen uit Utrecht en omgeving die worden verdacht van betrokkenheid bij een serie plofkraken komen voorlopig onder voorwaarden op vrije voeten. De Utrechtse rechtbank laat hierbij de duur van de rechtszaak en de persoonlijke omstandigheden de doorslag geven, aldus het Algemeen Dagblad. Justitie vindt dat de groep deel uitmaakte van een criminele organisatie die in Duitsland plofkraken pleegde en in een bedrijfspand in Utrecht oefende met explosieven en echte geldautomaten.

(beeld uit archief)

Op bestelling

De ontploffing in het bedrijfspand vond plaats op 4 september 2020. Een 29-jarige hoofdverdachte kwam daarbij om het leven en een 24-jarige medeverdachte raakte gewond. Die laatste werd aangehouden en zat sinds die tijd vast. Op bestelling had een Duits bedrijf bij het pand pinautomaten afgeleverd. Eén van de vier verdachten nam volgens justitie die automaten in ontvangst.

Een 29-jarige vrouw uit Den Bosch is verdacht van het maken van de gebruikte pakketjes met explosieven. Zij kwam net als een andere man al eerder op vrije voeten tot aan de inhoudelijke behandeling van de rechtszaak.

Paspoort inleveren

De advocaten vroegen om schorsing van de voorlopige hechtenis, vooral op grond van persoonlijke omstandigheden van de vier verdachten, zoals zieke ouders en een tumor bij een van de verdachten. Na de vrijlating mogen de verdachten geen contact met elkaar hebben en moeten ze een enkelband dragen. Eén van hen moet ook zijn paspoort inleveren vanwege vluchtgevaar.

De officier van justitie stelde dat de samenleving ‘moeilijk kan begrijpen’ dat verdachten van een gewelddadige criminele organisatie vrijkomen. Volgens haar zijn zowel de Nederlandse als de Duitse rechtsorde geschokt door de feiten.

Gewond

Er heeft naar de groep plofkrakers een verwant Duits onderzoek gelopen waarbij in september in Nederland drie verdachten zijn opgepakt. Dat onderzoek richtte zich onder meer op een plofkraak in Duitsland waarbij iemand gewond raakte, en op vijf andere plofkraken. Dat dossier is aan Nederland overgedragen. Die zaak komt mogelijk medio 2022 inhoudelijk voor de Utrechtse rechtbank.