Rechter: opsporingsmiddelen tegen Taghi worden ‘nooit openbaar’

Rechter: opsporingsmiddelen tegen Taghi worden ‘nooit openbaar’

Om in 2019 de van meerdere liquidaties verdachte Ridouan Taghi te kunnen aanhouden heeft de politie onder meer bij Spotify en YouTube informatie opgevraagd. Lang niet alles over de zoektocht naar Taghi en zijn arrestatie in Dubai zal helder worden. In het onderzoek 26CapeCoral weigert het Openbaar Ministerie honderden pagina’s over de opsporingsmiddelen tegen Taghi aan de rechtbank te geven. De rechter-commissaris die hiermee instemde schrijft dat die opsporingsmiddelen misschien wel ‘nooit openbaar’ zullen worden.

Door @Wim van de Pol

Taghi werd in het onderzoek Marengo vanaf 2017 door kroongetuige Nabil B. van meerdere liquidaties beschuldigd. Ook beschikte de politie over pgp-chats die Taghi verstuurd zou hebben over moorden.

Nadat er vanuit de inlichtingendienst van de politie in 2018 en 2019 informatie was verstrekt over mogelijke verblijfplaatsen van Taghi in het buitenland startte het landelijk parket op 1 maart 2019 het onderzoek 26CapeCoral om Taghi (en medeverdachte Saïd Razzouki) op te sporen. Zo blijkt de politie de digitale sporen van een ruime kring aan personen rondom Taghi te hebben uitgeplozen, inclusief het bijbehorende internationale verkeer over servers op internet.

“BOB-dossier”

In iedere grote strafzaak stelt de politie ten behoeve van de rechtbank een dossier op over de bijzondere opsporingsmethoden die zijn ingezet in het onderzoek die zijn ingezet om een verdachte te traceren en aan te houden. In het geval van Taghi horen daar in het onderzoek 26CapeCoral bijvoorbeeld bij verzoeken aan bedrijven die de “backbone” van internet verzorgen, of aan Spotify of YouTube.

Zo’n “BOB-dossier” stuurt het Openbaar Ministerie altijd rond aan advocaten en rechtbank.

De advocaten van Taghi noch rechtbank hebben in het onderzoek van 26CapeCoral zo’n BOB-dossier echter nooit ontvangen. Het duurde maanden nadat het Openbaar Ministerie op last van de rechtbank de toezegging voor inzage had gekregen voordat deze inzage recent daadwerkelijk ook mogelijk was. Advocaat Inez Weski: ‘Mijn collega moest zich vervoegen op het politiebureau en moest haar telefoon en laptop inleveren. Ze mocht alleen met pen en papier aantekeningen maken. Vervolgens mocht ze een overduidelijk incompleet dossier inzien.’

Nooit openbaar

Op grond van de index van het BOB-dossier bleek dat er honderden pagina’s ontbraken. Uit het dossier over 26CapeCoral ontbraken zo’n 1.600 documenten. Uit het BOB-dossier over Taghi in onderzoek Marengo missen ook nog tientallen documenten. Inmiddels is duidelijk geworden dat al deze stukken met toestemming van de rechter-commissaris worden onthouden. Volgens de rechter-commissaris is dat noodzakelijk in verband met bijzondere opsporingsmiddelen in verschillende andere nog lopende onderzoeken, terwijl bovendien bij deze stukken geen ontlastende informatie voor Taghi zou zitten.

De rechter-commissaris stelt verder dat die stukken naar verwachting nooit, of pas op zeer lange termijn, openbaar zullen kunnen worden gemaakt. Advocaat Weski:

Die stukken worden dus kennelijk mogelijk voor altijd achter een ijzeren gordijn gehouden vanwege andere onderzoeken, terwijl die opsporingsmiddelen juist voor het traceren van cliënt waren ingezet. Een zorgwekkende situatie nu het Openbaar Ministerie al meermalen ook in dit onderzoek heeft getoond er een soort eigen unieke interpretatie van rechtsbeginselen en verantwoordingsplichten op na te houden. Elke controle op de uitoefening van machtsmiddelen wordt dus weerhouden. (tekst gaat verder onder reclame)

AIVD

De bijzondere opsporingsmethoden die op Taghi zijn ingezet zijn natuurlijk talrijk. Er zullen bijvoorbeeld ook vele rechtshulpverzoeken aan het buitenland in zijn betrokken. De vraag blijft wat er dan allemaal op een kleine 2.000 pagina’s aan opsporingsmethoden is gerelateerd, en wat de officieren van justitie nu nog buiten beeld willen houden.

Het staat vast dat de binnenlandse veiligheidsdienst AIVD betrokken is geweest in de fase dat Taghi in Dubai werd aangehouden en overgedragen aan Nederlandse politiemensen. Er is sprake van een apart onderzoek over computerapparatuur die bij Taghi in zijn huis is gevonden. Een ambtenaar van de AIVD die in Dubai was kreeg namelijk zes computers en telefoons van Taghi in handen, direct na de arrestatie van Taghi op 16 december 2019. Dat aparte onderzoek handelde enkel om die telefoons en het feit dat die uiteindelijk zijn overgedragen aan de recherche.

Verbindingsambtenaar

De AIVD was kennelijk het Openbaar Ministerie ten dienste in de opsporing. Over wat de AIVD-ambtenaar (of -ambtenaren) in Dubai precies heeft gedaan en welke samenwerking die dienst met de autoriteiten in Dubai gaande had in de aanloop naar de arrestatie is niets bekend.

De verbindingsambtenaar die voor de inlichtingenorganisatie (LIRC) van de landelijke eenheid van de Nationale Politie in destijds in Dubai gestationeerd was zou meer over de contacten tussen Nederland en Dubai kunnen weten. Hij heeft eind vorig jaar gerapporteerd dat in het onderzoek voorafgaande aan de aanhouding van Taghi door de politie ‘informatie is gedeeld met de autoriteiten van de Verenigde Arabische Emiraten’. Op zijn beurt heeft hij weer informatie vanuit de Dubai Police vastgelegd in het LIRC. Hij heeft daarover recent nog nadere details gegeven.

Advocaat Weski vindt het zonneklaar dat er langlopende contacten tussen Nederland en Dubai zijn geweest en dat daarover nog lang niet alles duidelijk is, bijvoorbeeld omdat informatie over de activiteiten van de AIVD ontbreekt.

Komende maand zijn er weer een openbare zittingen gepland in de zaak tegen Taghi en medeverdachten in de rechtbankbunker in Amsterdam. Of die in verband met de maatregelen door het coronavirus doorgang zal vinden is nog afwachten.

Zie ook:

Veel onduidelijk over samenwerking met Dubai (UPDATE)

Taghi: ik ben mishandeld in Dubai (VIDEO UPDATE)

AIVD betrokken bij arrestatie en uitzetting Taghi (UPDATE5)