Martelcontainers: problemen met identificatie van Encro-alias

Martelcontainers: problemen met identificatie van Encro-alias

De pgp-alias “Slempo” richtte martelcontainers in om rivalen in op te sluiten. Hij was ook in de weer met importeren van astronomische hoeveelheden cocaïne. Tenminste: dat maakte de recherche op uit (gekraakte) pgp-berichten die met EncroChat werden verstuurd. Het Openbaar Ministerie stelt dat het de Utrechter Robin van O. (41) was die schuilgaat achter deze berichten. Van O. ontkent stellig. Hij zette hierover zelf een reeks argumenten op een rij.

Door @Wim van de Pol

In samenwerking met de Franse autoriteiten wist de Nederlandse recherche in het voorjaar van 2020 een aantal maanden live mee te kijken met gebruikers van EncroChat. Ze sloegen alle berichten op die de gebruikers met hun aliassen verstuurden. Rechters in tal van strafzaken moeten nu de vraag beantwoorden of het zeker is dat inderdaad bepaalde verdachten deze belastende berichten verstuurden. In sommige gevallen kan ondersteunend bewijs zonneklaar een bepaalde verdachte en een alias identificeren.

In andere gevallen is het helemaal niet zo helder. Rechters staan voor zwaarwegende taxaties omdat de berichten doorgaans de crux van het bewijs vormen en verdachten soms levenslange straf boven het hoofd hangt.

‘Ik ben Slempo niet’

In augustus stelde Robin van O. tegenover de rechtbank in de zaak van de martelcontainers categorisch: ‘Ik ben Slempo in ieder geval niet.’ Hij beloofde dat met argumenten aan de rechtbank aan te gaan tonen.

Crimesite maakte een analyse op basis van stukken uit het strafdossier. Ook op basis van een stuk dat Van O. zelf opstelde. Of Van O. de rechtbank zal kunnen overtuigen zal pas veel later blijken (Van O. is overigens ontslagen uit voorlopige hechtenis, hij is terminaal ziek).

Op basis van de feiten lijkt de conclusie van het Openbaar Ministerie dat Slempo dezelfde is als Van O. lang niet waterdicht.

Geboortedata

De redenering van de recherche vindt zijn basis in een bericht dat wordt opgevangen in de EncroChat-hack waarin de politie live kon meekijken met Encro-gebruikers. Er werd een wachtwoord ge-appt dat rechtsreeks naar namen en geboortedata van zijn kinderen, en naar een oud woonadres van Robin van O. verwijst. Zo komen de onderzoekers tot het vermoeden dat Van O. een Encro-telefoon gebruikt met een IMEI-nummer dat eindigt op 1895 (hierna IMEI-1895) met als e-mailadres “Slempo”.

BMW X5

O. verbleef in het voorjaar van 2020 in een appartement aan de Bezuidenhoutseweg in Den Haag. Bijna dagelijks was hij – zeggen hijzelf en getuigen – tussen 11.30 en 15.00 te vinden in een sportschool in Utrecht. Ook observatieteams van de politie stelden dat vast. Als hij vanuit Den Haag naar Utrecht reed stapte hij in Vleuten meestal over in een VW Passat, zo stelde de recherche vast. Dat was een veiligheidsmaatregel zegt Van O., die zegt dat hij ernstig werd bedreigd. 

Om de identificatie van Robin van O. hard te maken observeert de recherche in een periode van 63 dagen vier keer dat hij in een BMW X5 reed. Omdat de lokatiegegevens van die BMW regelmatig overeenkomen met de locatiegegevens van het IMEI-1895 concludeert justitie dat Van O de gebruiker was van IMEI-1895, en dus de belastende berichten van Slempo verstuurde.

In hoeverre is dat nu een sluitende redenering?

Het belangrijkste probleem is dat het eenvoudigweg feitelijk niet zo is dat Slempo altijd op dezelfde plek was als Robin van O..

April en mei

De chats van Encro werden in de periode april-juni 2020 live meegekeken door de politie. De recherche zette in die periode ook observatieteams op Robin van O. in.

Een aantal dagen in april en mei zijn belangrijk voor de recherche. Dan wordt Van O. namelijk geobserveerd in zijn BMW X5 en is Slempo aan het appen en aan het bewegen. Maar op twaalf dagen van die periode was Van O. gewoon niet in de buurt van de zendmast waar IMEI-1895 was. Dat toestel bevindt zich volgens de zendmast vaak in Den Haag of Rotterdam terwijl Van O. zich in Utrecht of elders bevindt.

Piet Costa

Het Openbaar Ministerie wil bewijzen dat Van O. als “Slempo” zowel over geplande ontvoeringen en martelcontainers als over grote transporten van cocaïne intensief contact had met Roger “Piet Costa” P., althans met Encro-aliassen die de recherche aan P. toeschrijft.

Op 1 juni 2020 was hij een paar minuten in hetzelfde dekkingsgebied als de IMEI. Op 3 juni observeert de recherche in een park in Rotterdam-Schiebroek een ontmoeting tussen Van O. en onder meer medeverdachte Roger P.. IMEI-1895 is tegelijkertijd ook in Rotterdam maar in heel andere stadsdelen.

In de periode van 20 april tot 22 juni 2020 is Robin van O. 13 maal aantoonbaar in hetzelfde zendmastgebied waargenomen als Slempo. 25 maal is hij aantoonbaar niet in hetzelfde zendmastgebied van de Slempo-telefoon IMEI-1895 waargenomen. Uitgedrukt in percentage van tijd was Van O. slechts 2% van de tijd in hetzelfde zendmastgebied.

In ieder geval kan een deel van de pgp-communicatie van alias Slempo niet door Van O. zijn geschreven.

Straattaal

Een ander probleem is dat de telefoon met IMEI-1895 niet is gevonden bij Van O. toen die werd aangehouden. Die telefoon is zelfs helemaal niet gevonden door de politie. Dus als Van O. Slempo zou zijn geweest dan droeg hij niet altijd zijn Encro met IMEI-1895 bij zich.

Er is nog iets dat tegen de identificatie van Van O. met Slempo pleit. Het taalgebruik van Slempo is uitgesproken “straat”. Slempo komt over als een agressieve man die grossiert in taalfouten en uiten van dreigende formuleringen als ‘kkzooi’ en ‘hond’. Hij schrijft bijvoorbeeld:

Bro hij wilt.toch.onze. vijanden steunen (…) Dan moet.hij boeten (…) We hebben adressen van die zwager en zn wijf (…) En ik zorg dat ze naar de ebi gaan afrekeken

De spreektaal van Van O. is algemeen beschaafd Nederlands. De toon en spelling in berichtjes op mobiele telefoons (b.v. een iPhone) – die zonder twijfel door hem zijn geschreven – is verzorgd en totaal geen straattaal.

Incasso

Ook inhoudelijk kloppen berichten niet met wat er te verifiëren is over Van O. Zo heeft Slempo op zeker moment een incassobureau aan de deur over een factuur van het energiebedrijf. Hij schrijft er berichtjes over. Bijvoorbeeld:

Hij heeft niks betaald van mijn stroom van geld wat ik hem heb gegeven Kkzooi Krijg nu incasso voor 500 euro (…) Hij heeft 500 euro pepikt die voor stro was van mijn huis

Er zijn geen aanwijzingen dat energierekeningen in woningen waar Van O. verbleef niet betaald waren. Zo zijn er nog meerdere inconsistenties, ook wat betreft personen en tijdslijnen.

Dodenlijst

Hoe kan het dat op de Encro van Slempo is ingelogd met een wachtwoord dat is samengesteld uit geboortedata van Van O.’s kinderen?

Van O. erkent dat hij een Encro-toestel in bezit heeft gehad waar hij op heeft ingelogd met dat wachtwoord. Maar hij zegt dat hij dat toestel aan iemand anders heeft gegeven. Aan wie wil hij niet zeggen.

Dat zou kunnen. Het staat natuurlijk ook niet vast dat als ooit iemand heeft ingelogd op een apparaat alle verzonden communicatie dan daadwerkelijk door die persoon is verzonden.

En hoe kan het dan dat er momenten waren dat de IMEI-1895 van Slempo wel degelijk samen met Van O. door Nederland bewoog? Bijvoorbeeld op het traject van Den Haag naar Vleuten en Utrecht. Van O. heeft verklaard dat hij op op een dodenlijst stond en daarom vaak werd geëscorteerd door personen in andere auto’s die soms met hem meereden. Ook zijn er aanwijzingen dat Van O. bezig was met aanleg van wietplantages in de loods waar de martelcontainers zijn gevonden.

Wie was Slempo volgens Van O. dan wel? Daar wil hij niks over kwijt. Hij heeft tegen de rechtbank gezegd:

Ik ben Slempo niet. Dat er iemand in mijn omgeving was die het wel is geweest, dat zou heel goed kunnen. Het is aan u om uit te zoeken wie dat was. Ik ga dat niet invullen.

Overigens is de telefoon met IMEI-1985 nooit gevonden. Ook een andere Encro-telefoon die vaak samen reisde met Slempo is nooit gevonden.

Tunnelvisie

Louis de Leon, de advocaat van Robin van O., stelt dat de rechtbank zou moeten doorzien dat de redenering van politie en Openbaar Ministerie over de identificatie van Slempo mank gaat:

De hypothese dat Van O. de gebruiker van Slempo zou zijn is gefalsificeerd door de feiten in het dossier. Alternatieve scenario’s zijn niet uitgezocht. Bij observaties lijkt bijvoorbeeld alleen op Van O. te zijn gelet, niet op anderen die ook in beeld moeten zijn geweest. Men is in een tunnelvisie terechtgekomen. Politie en Openbaar Ministerie lijden hier duidelijk aan confirmation bias.

Zie ook:

Filmpje: verdachte laat animatie maken over gebruik pgp-telefoons (VIDEO)